Aargh! Nee, dit wil ik niet! Grrr, balen! Vandaag is het Loopfestijn Dalfsen. En ik verschijn niet aan de start van de 10 kilometer. Startnummer 869 blijft ongebruikt liggen, mijn tijd van vorig haar wordt niet verbeterd. De volleybaltraining van afgelopen donderdag heeft alle plannen overhoop gegooid.

Het ging zo lekker donderdag tijdens de training. Veel gedaan, lekker actief… Het was warm in de zaal en dat heeft zo zijn nadelen. De vloer wordt erg stroef, waardoor je met duiken niet doorglijdt. Daar hadden we het vorige week nog over gehad.

Het loopt tegen het einde van de training als we nog even een lekker actieve oefening gaan doen. Verplaatsen, passen, direct klaar staan voor de volgende (korte) bal en die vervolgens ook weer met een mooi boogje terug spelen. Ik vind dit een leuke oefening en ga er vol in.

Mijn beurt: ik verplaats snel naar links, waar ik een bal verwacht. De bal ligt nog wat verder links voor van mij, dus ik duik naar de bal. Mijn bovenlichaam ligt meteen stil op de stroeve vloer, maar de rest van mijn lichaam heeft nog vaart en dendert door. Alle gewicht duikelt over mijn schouder heen.

Au! Dit is niet goed (schreeuw ik? Jammer ik? Ik weet het niet)! Mijn arm voelt raar aan, alsof ‘ie naast mijn lichaam ligt. Ik weet dat de schouder uit de kom is (zeg ik dat ook? Gil ik? Ik weet het niet), wat doet dat pijn!

Dan realiseer ik mij dat ik blijkbaar omgerold ben. Ik lig op mijn rechterzij en met mijn rechterhand houd ik mijn schouder stevig vast. Ik moet me concentreren op mijn ademhaling. Op die manier is de pijn uit te houden. Mijn teamgenoten staan inmiddels om mij heen en kijken me geschrokken aan.

‘Schouder uit de kom’, zeg ik, met ongetwijfeld een verbeten gezicht. “Weet je het zeker”, vragen ze. Ja, nee. Ja. Nooit eerder gehad, maar ik voelde iets schieten. Het kan niet anders… “Je elleboog?”, vraagt mijn trainer. Ik kijk verbaasd. Het is toch duidelijk dat het om mijn schouder gaat? Die heb ik vast… Dan realiseer ik mij dat ik wel schouder dacht, maar elleboog zei. Het gaat dus om mijn schouder!

Een teamgenoot belt de huisartsenpost en een ander belt mijn man. Ondertussen geef ik aan dat ik graag op mijn rug wil liggen, want in deze houding hangt mijn schouder er zo raar bij… Met hulp van teamgenoten word ik omgedraaid. Mijn arm ziet er gek uit. Het lijkt wel of mijn bovenarm ineens veel langer is en de hoek is erg onnatuurlijk.

Ik hoor een stem door de mobiel van mijn teamgenoot schallen. ‘Alle medewerkers zijn momenteel in gesprek’… Bel 112 denk ik dan. Maar dit is geen levensbedreigende situatie, dus het moet toch via huisartsenpost, geeft mijn teamgenoot aan. Dan wordt ze te woord gestaan.

“Gaat het wel?”, wordt er gevraagd als ik even mijn ogen dicht doe. “Wel erbij blijven hoor!” Ja, dat doe ik, maar ik moet me concentreren om rustig te ademen, om de pijn beheersbaar te houden. ‘Zo rustig ben ik anders natuurlijk nooit’, denk ik met een glimlach.

Dan wordt voorzichtig de mouw van mijn t-shirt omhoog gedaan. Vlak onder mijn schouder is een deuk in mijn arm te zien. “Ja, uit de kom”, zegt een speelster van dames 4, die er inmiddels ook bij geroepen is. Zij is fysiotherapeut. Ze kijkt bijna blij: ze heeft wel foto’s gezien van een schouder uit de kom, maar in het echt had ze het nog nooit gezien. Ik snap die reactie wel.

Nu komt de grootste uitdaging. Om naar de huisartsenpost te gaan, moet ik toch echt opstaan. Maar hoe doe je dat als je je niet kan afzetten? Iemand pakt me onder mijn rechterarm vast, terwijl een teamgenoot op mijn voeten staat. Ik voel handen onder mijn billen. “Jij hoeft je alleen maar met je voeten af te zetten”, wordt er tegen mij gezegd. Dat doe ik dan maar. Tegelijkertijd word ik omhoog geduwd en een ander schuift een bank onder mijn kont. Wauw, dit werkte! Nu even bijkomen en dan kan ik opstaan.

Als we beneden zijn, is Robert inmiddels ook gearriveerd. Hij brengt me naar het ziekenhuis. Onderweg maak ik mij al wat druk om het vervolgtraject. Ik heb op tv wel beelden gezien van artsen die keihard aan de arm van een patiënt rukken en trekken om de schouder te zetten. De patiënt ligt gillend van de pijn op de behandeltafel. Niet echt een fijn vooruitzicht, maar ja, zoals het nu is, kan het ook niet blijven…

Bij het ziekenhuis aangekomen moet ik mij melden bij de huisartsenpost. Ik word meegenomen naar een behandelkamer, waar ik alvast twee paracetamol en een diclofenac krijg, in afwachting van de huisarts.

IMG_0177.JPG

Dan komt de dokter binnen, bekijkt kort mijn schouder en concludeert dat hij er niets mee kan. Ik moet me melden bij spoedeisende hulp, voor röntgenfoto’s.

Weer terug naar de ingang dus, waar ik me meld bij de spoedeisende hulp. Broeder Max neemt me mee om foto’s te maken. Crashruimte, staat er op de deur.

IMG_0175.JPG

De foto’s zijn snel gemaakt en ik heb geluk: niet gebroken. Wel uit de kom.

IMG_0171.JPG

Terwijl we wachten op de arts, krijg ik van Max alvast een naald in mijn arm voor de zekerheid. Als straks blijkt dat het terugzetten niet gemakkelijk gaat, heb ik een infuus nodig en dan zit de naald al. Hij vertelt me ook dat het zetten van de schouder nu anders gaat dan vroeger. Nu moet ik het meeste werk zelf doen. Ik weet nog niet of ik dat wel zo’n fijn idee vind. Ik heb al mijn concentratie nodig om mijn arm rustig te houden en de pijn te kanaliseren. Hoe moet ik me dan ook concentreren op meewerken aan het terugzetten? Afwachten maar…

Dan komt de arts binnen. Ze vertelt wat er gaat gebeuren. Ik hoef me alleen maar te ontspannen en mijn schouders voorzichtig recht te houden. Zij gaat me masseren, in de hoop dat dan de schouder terug schiet. “Want die schouder wil wel terug, maar de spieren houden dat nu tegen”, legt ze uit.

Ik krijg een flinke naald in mijn schouder geduwd met verdovingsmiddel. Dat heeft volgens broeder Max twee doelen. De spieren ontspannen, waardoor de schouder gemakkelijker terug kan, en het vocht zorgt voor opvulling en zorgt ervoor dat de schouder beter glijdt.

Dan moet ik mijn hand op de schouder van de arts leggen. Ik probeer rustig te ademen en mijn rug te rechten, terwijl de arts mijn bovenarm masseert. Of ten minste, ik denk dat ze dat doet, want ze vertelt het en ik zie haar die beweging maken. Maar ik voel het niet. Dat is raar…

Dan pakt ze mijn hand vast en duwt voorzichtig mijn onderarm naar buiten. Ik haal diep adem om te ontspannen. Dan begint het pijn te doen en stopt de arts met duwen. Ze legt mijn hand weer op haar schouder en gaat weer masseren.

Ik ben een ideale patiënt, zegt ze. Heel rustig, ontspannen en ik werk goed mee. Ja, wat anders? Maar toch fijn om te horen. Dan duwt ze mijn arm nog een keer naar buiten en zodra ze mijn gezicht ziet vertrekken, stopt ze. Weer masseren… En dan ineens: floep! Mijn schouder schiet terug en ik voel direct opluchting. Wauw wat een fijn gevoel! Mijn schouder voelt nog wel beurs aan, maar de ergste pijn is weg.

Ik moet mijn arm nu stil houden, want de spieren zijn zo ver opgerekt dat de schouder er heel gemakkelijk opnieuw uit kan schieten. Er worden weer foto’s gemaakt en de schouder ziet er nu goed uit. De deuk in mijn arm is ook weg.

IMG_0170.JPG
Het terugzetten is me 300 procent meegevallen!

Met een sling die niet alleen om mijn nek zit maar ook om mijn middel, verlaat ik het ziekenhuis. De eerste week alleen maar rust. En vooral mijn arm niet omhoog of opzij bewegen, want ik zal de eerste niet zijn waarbij de schouder weer uit de kom schiet… Over een week moet ik terug komen voor controle, en dan mag ik misschien voorzichtig beginnen met kleine oefeningen

Hardlopen zit er de komende tijd dus niet in. Balen, maar voorlopig ben ik dus -letterlijk- uit de running. Het Loopfestijn Dalfsen start zonder mij. Over twee weken de Droge Voeten Run. Ik ben benieuwd hoe mijn schouder tegen die tijd is. Ik zal er maar vanuit gaan dat ik die ook niet hardlopend kan doen…

Advertenties