Het is herfst. En dat is te merken ook: kale bomen, fietspaden liggen bezaaid met blaadjes, vroeg donker… Maar ook regen, wind, regen, en had ik wind al gezegd?

En dan zie ik dit op Facebook voorbij komen. Weercijfer een 2…  Kortom: ideale ingrediënten voor een hardloopevenement. Not…

En toch ga ik ‘m lopen. Die Zevenheuvelennacht. Maar ik moet eerlijk bekennen dat de zin om eens lekker te starten bij een loopevenement vandaag niet zo hoog is. Het is niet zo erg als het begint met regenen als we al halverwege de loop zijn, maar doorweekt aan de start verschijnen is niet mijn idee van een ‘lekker loopje’… Maar ja, ik heb me nu eenmaal ingeschreven, dus dan ga ik lopen ook! Bovendien loop ik niet alleen, maar heb ik afgesproken om samen met Tamara, Marian, Sandra en Carolina te gaan. En dan kan ik het natuurlijk niet af laten weten….


De hele dag plingt mijn telefoon: appjes over kledingkeuze, het weer, vertrektijd, nog meer vragen over kleding… Dan komt er een foto langs in de appgroep van een hele stapel kleding. Gevolgd door de vraag van een ander of ze er nog iets van aantrekt of dat het allemaal meegaat. En dan het droge antwoord: ‘Nou, kwee niet of dat kan, in je blootje in de trein’…

Kledingkeuze

Tja, wat moet je aan met dit herfstweer? Koud is het niet, dus ik ga voor een capri en t-shirt. Daarover een reflecterend hesje. Wel een dun thermo-shirt eronder, om me te beschermen tegen de regen… En een vuiliszak (bij gebrek aan poncho) om me in het startvak enigszins droog te houden. En dan neem ik natuurlijk een hele lading droge kleding mee…

Het is droog als Tamara en ik naar het station fietsen. Dat valt dan weer mee. Op het station voegen we ons bij Marian, Sandra en Carolina en lopen naar de trein. Het is rustig op het perron. We hadden verwacht een massa hardlopers te zien, maar we zijn zo te zien de enige bikkels die zich niet door een beetje regen laten tegenhouden…

In de trein is het in ieder geval droog. En gezellig. Plien en Bianca passeren de revue, we praten over loopjes die we al gehad hebben, en die we nog gaan doen. En we uiten onze twijfels over de Zevenheuvelennacht. Hebben we wel de goede kleding mee? Hebben we niet te veel mee? Of te weinig? Waarom doen we dit? Het regent, het waait, van wie kwam dit idee? En toch hebben we er zin in!

Waar zijn we aan begonnen?

In Deventer stapen meer lopers in, maar nog steeds is het niet druk. Het regent inmiddels aardig hard, zo te zien. Gaan we het echt doen? Gaan we echt rennen in de regen? Regen als we eenmaal aan het lopen zijn is niet zo erg, maar regen nog voordat we begonnen zijn… Zeiknat voordat we ook maar één stap hebben gezet… Maar ja, we moeten het er maar mee doen.

In Nijmegen stapt toch nog een aardige meute lopers uit. Amper twintig meter voorbij het station zien we mobiele wc’s staan. Zonder wachtrij. Zullen we dan maar vast plassen, voor de zekerheid, nu het nog kan… Een voor een duiken we een oranje hokje in, om er iets later met een geleegde blaas weer uit te komen.

We vervolgen onze weg na deze pitstop. Volgende halte: Rabobank. Daar gaat Carolina even met haar collega’s op de foto. En ach, nu we daar toch zijn, kan een van die collega’s ook wel een foto van ons maken…


We gaan op zoek naar de parkeergarage die is ingericht als kleedruimte, om ons verder voor te bereiden op de natte uitdaging. De regen valt tot nu toe nog mee, maar we hebben de buienradar gezien. En dat belooft niet veel goeds.

Lichtjes

Om de parkeergarage in te komen, moeten we ons startnummer laten zien. Mooi, dat betekent dat mensen er niet zomaar binnen komen, dus we kunnen onze tas er met een gerust hart achterlaten. Het is lekker warm binnen en we zoeken een plekje tussen onze mede-lopers. Trainingspak uit, reflecterend hesje – met glowsticks – aan, glowsticks om de polsen, led-lampjes om de armen en vuilniszak aan. Nu nog een plekje zoeken voor mijn waardevolle spullen (in mijn heuptasje) en we zijn er klaar voor. We praten elkaar nog even moed in en stappen naar buiten, de regen in. Het is inmiddels gestopt met miezeren. Dit is serieus, nu worden we echt nat.

We lopen naar het startvak en besluiten voor de zekerheid nog maar een bezoekje te brengen aan een wc. Hier staat helaas wel een rij wachtenden, maar we hebben nog tijd genoeg en nat worden we toch wel… Een percussieband staat vlakbij de rij mobiele wc’s en maakt er een feestje van. Het is moeilijk om hier niet stil te staan, dus dat doen we ook niet. De wc-hokjes staan trouwens ook niet stil. Wat een wiebelhokje, dat wordt nog een heel avontuur daar binnen…

Minuut stilte

Terwijl we staan te wachten, horen we de omroeper in de verte. Hij is moeilijk te verstaan, maar we vangen iets op over een minuut stilte, uit respect voor de slachtoffers in Parijs. Een mooi gebaar. Jammer dat we niet goed kunnen horen wat er gezegd wordt, en wanneer de minuut stilte precies ingaat. De band is in ieder geval gestopt met trommelen, dus wij houden ook op met kletsen.

Als iedereen naar de wc geweest is, lopen we door naar het goede startvak. We hebben niet allemaal hetzelfde kleurtje, maar besluiten gewoon bij elkaar te starten, in het oranje vak. Het laatste startvak, dus we moeten wachten tot wij kunnen starten. Dat wachten duurt lang, te lang in deze regen. Ik koel wel af in mijn t-shirtje. Maar dat wordt vast wel weer warm als ik eeenmaal aan het rennen ben.

Start-finish

Langzaam schuifelen we naar voren. Ik scheur de vuilniszak van mijn lichaam af en hang ‘m in een hek, zodat andere lopers er niet over kunnen struikelen. Tamara en Marian staan vlakbij me, maar Sandra en Carolina zijn we al kwijt geraakt in de drukte. Ruim een kwartier nadat de eerste loper over de startstreep ging, mogen wij eindelijk starten. Die eerste lopers zullen over een minuut of vijf alweer finishen, vertelt de omroeper! Dat betekent dat de vrijwilligers hier nog hard aan het werk moeten, om de startstreep om te toveren in finishlijn en om de rommel weg te halen voor de snelle lopers.

Het is erg druk op het parcours. We moeten goed oppassen dat we niet over de lopers struikelen, of verstrikt raken in rondslingerende poncho’s.  Een eigen tempo vinden is moeilijk hier, we moeten constant inhouden en slalommen om langzamere lopers heen. Ik hoop dat we snel wat meer ruimte vinden, dat het veld met lopers snel wat verder uit elkaar trekt, maar dat blijkt ijdele hoop. Het blijft druk op het parcours, een parcours dat vanaf de start licht stijgt.

Feestje

Een snelle tijd kan ik hier vergeten. Zoveel is wel duidelijk, dus zorg ik ervoor dat ik er een mooie loop van maak. Ik blijf gezellig in de buurt van Tamara en Marian en ga gewoon genieten van die mooie slinger van verlichte hardlopers! We kijken onze ogen uit. Niet alleen naar de verlichting van de lopers, maar ook naar de verschillende loopstijlen. Sommige mensen zien eruit alsof ze elk moment kunnen omvallen, anderen lopen als een hinde. Sommigen lijken boven het asfalt te zweven, anderen stampen hard bij elke stap.

De eerste kilometer lopen we in 6.20 minuten. Gewoon een hele minuut langzamer dan ik eigenlijk zou willen! De tweede kilometer gaat 10 seconden sneller; we hebben even een stukje ruimte voor ons. Plotseling duiken Sandra en Carolina voor ons op. We lopen een klein stukje met ze op, maar als wij een gaatje zien en tussen de lopers door rennen, blijven zij achter. Ze kunnen ons tempo niet bijbenen. Geeft niets, we zien elkaar na afloop wel weer in de parkeergarage.

De weg blijft maar lichtjes stijgen. Best pittig, maar met kleine pasjes komen we aardig vooruit. Het scheelt ook dat er hier weer even wat meer ruimte is. Maar dan komen we weer in de meute terecht en kilometer drie gaat in 6.35 minuten. We gaan met een scherpe bocht de Louisiaweg in. Hier wordt het donkerder, weet ik nog van vorig jaar. De weg gaat ook wat steiler omhoog. Ik kijk wat verder vooruit en geniet van het uitzicht: een lange rij hobbelende mensen, versierd door honderden bewegende en knipperende lampjes. “Eigenlijk zou je nu even moeten stoppen om een foto te maken”, zeg ik, zonder de intentie dit ook echt te doen. “Nee”, hijgt Marian, “dan kom je helemaal niet meer in beweging!” Dus we lopen alle drie door zonder te stoppen.

Doedelzak

We passeren een doedelzakspeler, die verdekt opgesteld staat in het bos. Prachtig! Spontaan beginnen alle lopers te applaudisseren als de doedelzakspeler klaar is met zijn nummer. Ik klap hard mee, genietend van de sfeer die hier hangt. Dan remt Marian ineens af. Ik kijk bezorgd om, ze is toch niet geblesseerd? Maar nee, haar veter zit los. Gelukkig, niets ernstigs. Ik loop door met Tamara. Ook Marian zien we wel weer in de parkeergarage.

Nog steeds is het veld met lopers niet echt uit elkaar getrokken. Nog steeds moeten we slalommen tussen de langzamere lopers door, om maar een beetje in de buurt te komen van ons eigen tempo. ‘Langzame lopers rechts’, staat er op bordjes in de berm. Maar de lopers houden zich er helaas niet aan. Tamara en ik manouvreren van links naar rechts, vertragen en versnellen, om langs de tragere lopers te komen. Dit is niet bevorderlijk voor een snelle run, maar echt moe worden we zo ook niet. Kilometer vier passeert in 6.42 minuten.

Dan gaat het naar beneden. En eindelijk is er ook wat meer ruimte tussen de lopers. Hehe, kunnen we nu dan eindelijk ons juiste tempo vinden? Het gaat lekker. Ik voel dat ik steeds sneller ga, maar ik houd wel een tempo aan dat ik langere tijd kan volhouden. Ik zie Tamara niet meer. Blijft ze bij me? Kan ze aanhaken? Ik weet het niet, maar ik heb geen zin om af te remmen. Eindelijk gaat het even lekker! Als ik opzij kijk, zie ik Tamara weer. Mooi!

Kilometer 5 gaat in 5.54 minuten en kilometer 6 zelfs in 5.03. En nog heb ik het gevoel dat ik dit wel even volhoud, dat ik me niet helemaal kapot loop. Nog maar één kilometer en ik ben er. Dan kan ik droge kleren aantrekken! Heerlijk. Ik krijg vleugels van die gedachte! De laatste kilometer leggen we zelfs onder de 5 minuten af. Wauw!

Hand in hand

Vlak voor de finish pak ik Tamara’s hand en samen lopen we die laatste meters. Wat een mooi gevoel! Dit is toch wel speciaal, samen de hele route afleggen en hand in hand finishen…

Na de finish krijgen we een flesje drinken en een medaille. Die hebben we wel verdiend. Welke gek gaat er nou lopen in dit weer? Oh ja, wij! En we hebben het volbracht!


Het regent nog steeds. We maken even tijd voor een snelle selfie en dan loopen we door naar de parkeergarage. Tijd voor droge kleren!


Als we alle vijf weer herenigd zijn in de garage, en onze droge kleding aan hebben, lopen we richting station. Na een tussenstop in de Expo om de medaille te laten graveren, komen we aan op het station. We halen warme drank en wat te eten, om daarna tot de conclusie te komen dat we de trein gemist hebben. Twee minuutjes… Nou ja, dan de volgende trein, die gaat over een half uur. We laten ons op de grond zakken en genieten van de warme drank en het eten.

Op tijd lopen we naar het perron en nemen plaats in het wachthok. Dan geeft de NS-app aan dat de trein die we willen nemen 15 minuten vertraging heeft. Grrr. Maar we zitten in ieder geval droog en warm! En nu hebben we wel genoeg tijd om nog even een foto van ons vijfen te laten maken, door twee loopsters die tegenover ons zitten. En natuurlijk maken wij een foto van hen…


De vertraging wordt 18 minuten en even later staat er op het bord dat de trein maar tot Zutphen gaat. Hoeveel pech kan je hebben? Ik haal mijn NS-app weer tevoorschijn en die geeft aan dat het reisadvies vervallen is. We moeten wachten tot de volgende trein.

Een uur later dan gehoopt zitten we dan eindelijk in de tein, op weg naar Zwolle. We laten een nat Nijmegen achter, maar nemen een hele ervaring mee naar huis. Wat was dit een mooie loop. Volgend jaar weer! Maar dan wel graag droog weer…


En thuis gekomen komen we er achter wie er tegenover ons in het bushokje zat, wie de foto van ons gemaakt heeft: Linda Pereboom, van de facebookgroep Libelle Loopt! Wat een toeval!

Advertenties